Sla de springlinks over en ga naar de sitenavigatie

U bent hier: Regelingen » Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2014 » 01-01-2014

Sla de hoofdinhoud over en ga naar de voetregel »

Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2014

Versie geldig vanaf 01-01-2014 tot 01-01-2017.

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling

Overheidsorganisatie gemeente Stadskanaal
Officiële naam van de regeling Verordening op de heffing en de invordering toeristenbelasting 2014
Citeertitel Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2014
Deze versie is geldig tot
(als de vervaldatum is vastgesteld)
01-01-2017
Vastgesteld door gemeenteraad
Onderwerp financiƫn en economie

Opmerkingen m.b.t. de regeling

In deze verordening wordt de Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2009 ingetrokken.

Deze verordening is vervangen door de Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2017.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

1. Gemeentewet, art. 224 externe site

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum
inwerkingtreding
Terugwerkende
kracht t/m
Betreft Datum ondertekening
Bron bekendmaking
Kenmerk
voorstel
01-01-2017 intrekking 19-12-2016
Gemeenteblad, nr. 182351, 23-12-2016 externe site
R 7202
01-01-2014 nieuwe regeling 16-12-2013
De Kanaalstreek, 24-12-2013
R 6986, 18e

De raad van de gemeente Stadskanaal;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 29 november 2013, nr. R 6986;

gelet op artikel 224 van de Gemeentewet externe site;

besluit:

vast te stellen de

Verordening op de heffing en de invordering van toeristenbelasting 2014.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

a. vakantie-onderkomens:
woningen en andere verblijven, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, in hoofdzaak bestemd voor en gebezigd als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden;
b. mobiele kampeeronderkomens:
tenten, vouwwagens, kampeerauto's, toercaravans en soortgelijke onderkomens, dan wel soortgelijke voertuigen die bestemd zijn, dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden;
c. niet-beroepsmatig verhuurde ruimten:
woningen en andere verblijven, of gedeelten daarvan, niet zijnde mobiele kampeeronderkomens of stacaravans, die niet in hoofdzaak bestemd zijn als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, doch wel in bepaalde perioden van het jaar voor die doeleinden worden verhuurd, dan wel te huur aangeboden;
d. vaste standplaats:
een terrein of terreingedeelte dat bestemd is voor het gedurende een seizoen of een jaar plaatsen van eenzelfde mobiel kampeeronderkomen of stacaravan.

Artikel 2 Belastbaar feit

Ter zake van het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantie-onderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimte en op vaste standplaatsen tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, wordt onder de naam "toeristenbelasting" een directe belasting geheven.

Artikel 3 Belastingplicht

  • 1. Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten, dan wel op hem ter beschikking staande terreinen.
  • 2. De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene, ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt.
  • 3. Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt.

Artikel 4 Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf:

  • 1. door degene, die als verpleegde of verzorgde in een inrichting tot verpleging of verzorging van zieken, van gebrekkigen, van hulpbehoevenden of van ouden van dagen verblijft;
  • 2. van een asielzoeker, zijnde een vreemdeling als bedoeld in artikel 15, eerste lid van de Vreemdelingenwet 2000 externe site, die een asielverzoek heeft ingediend waarover nog geen onherroepelijke beslissing is genomen, van degene die een asielverzoek heeft ingediend waarop negatief is beslist en van een verblijfsgerechtigde, die op basis van de artikelen 9 externe site, 10 externe site of 15 van voornoemde wet externe site een verblijfsvergunning heeft, voor zover deze personen verblijf houden in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2, in het kader van de centrale opvang onder verantwoordelijkheid van het ZBO Centrale Opvang Asielzoekers.

Artikel 5 Maatstaf van heffing

De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen.

Artikel 6 Berekeningswijze van de maatstaf van heffing voor seizoenplaatsen

Het aantal malen dat door een bepaald persoon is overnacht, wordt ingeval verblijf wordt gehouden in vakantie-onderkomens, niet-beroepsmatig verhuurde ruimten, dan wel op vaste standplaatsen, die geschikt zijn voor gebruik of slechts gebruikt mogen worden gedurende een periode van:

  • ten hoogste zes maanden bepaald op 60;
  • meer dan zes doch ten hoogste negen maanden bepaald op 85;
  • meer dan negen doch ten hoogste twaalf maanden bepaald op 100.

Artikel 7 Belastingtarief

Het tarief bedraagt per overnachting € 0,75.

Artikel 8 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 9 Wijze van heffing

De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.

Artikel 10 Aanslaggrens

Belastingaanslagen van minder dan € 5,00 worden niet opgelegd.

Artikel 11 Termijnen van betaling

De aanslagen moeten worden betaald uiterlijk één maand na dagtekening van het aanslagbiljet.

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de toeristenbelasting.

Artikel 13 Aanmeldingsplicht

De belastingplichtige, bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d van de Gemeentewet externe site.

Artikel 14 Kwijtschelding

Bij de invordering van toeristenbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 15 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1. De "Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2009" van 15 december 2008 wordt ingetrokken met ingang van de in het tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
  • 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2014.
  • 3. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014.
  • 4. Deze verordening wordt aangehaald als "Verordening toeristenbelasting Stadskanaal 2014".

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 16 december 2013.

De raad

de heer K. Willems mevrouw B.A.H. Galama

raadsgriffier voorzitter

Sla de sitenavigatie over en ga naar de hoofdinhoud »
Terug naar boven Terug naar boven